Klimatologische kaart

Hier vindt u de informatieve vertaling van tabel C.1 uit NEN-EN-ISO 9223:2012. Aan deze vertaling kunnen geen rechten ontleend worden.

 

Tabel 2: corrosiecategorieën als volgens NEN-EN-ISO 9223

Corrosiecategorie Voorbeelden buiten omgevingscondities Voorbeelden binnen omgevingscondities
C1
Zeer laag
Droge of koude gebieden met zeer weinig vervuiling en vochtigheid, zoals sommige woestijnen, Centraal-Arctisch gebied en Antarctica. Verwarmde ruimtes met lage luchtvochtigheid en zeer weinig vervuiling, bijvoorbeeld kantoren, scholen, musea.
C2
Laag
Gematigde gebieden met weinig vervuiling (SO₂ <5 µg/m³), zoals landelijke gebieden en kleine steden. Droge of koude gebieden met korte periodes van vochtigheid, zoals woestijnen en subarctische gebieden. Onverwarmde ruimtes met wisselende temperatuur en luchtvochtigheid. Lage kans op condensatie en weinig vervuiling, bijvoorbeeld opslagruimtes, sporthallen.
C3
Gemiddeld
Gematigde gebieden met middelmatige vervuiling (SO₂: 5 µg/m³ tot 30 µg/m³) of enige invloed van chloriden, zoals stedelijke gebieden en kustgebieden met lage chlorideafzetting. Subtropische en tropische gebieden met weinig vervuiling. Ruimtes met matige kans op condensatie en matige vervuiling door productieprocessen, bijvoorbeeld voedselverwerkingsfabrieken, wasserijen, brouwerijen, zuivelfabrieken.
C4
Hoog
Gematigde gebieden met hoge vervuiling (SO₂: 30 µg/m³ tot 90 µg/m³) of aanzienlijke invloed van chloriden, zoals vervuilde stedelijke gebieden, industriële gebieden en kustgebieden zonder zoutwaterspray, of blootstelling aan strooizouten. Subtropische en tropische gebieden met middelmatige vervuiling. Ruimtes met hoge kans op condensatie en veel vervuiling door productieprocessen, bijvoorbeeld industriële verwerkingsfabrieken, zwembaden.
C5
Zeer hoog
Gematigde en subtropische gebieden met zeer hoge vervuiling (SO₂: 90 µg/m³ tot 250 µg/m³) en/of grote invloed van chloriden, zoals industriële gebieden, kustgebieden en beschutte posities aan de kust. Ruimtes met zeer hoge kans op condensatie en/of zeer veel vervuiling door productieprocessen, bijvoorbeeld mijnen, industriële grotten, niet geventileerde schuren in subtropische en tropische zones.
CX
Extreem
Subtropische en tropische gebieden met zeer lange periodes van vochtigheid en zeer hoge SO₂-vervuiling (>250 µg/m³) inclusief productie- en omgevingsfactoren en/of sterke invloed van chloriden, zoals extreme industriële gebieden, kust- en offshore gebieden, en incidenteel contact met zoutwaterspray. Ruimtes met bijna permanente condensatie of langdurige blootstelling aan extreme vochtigheid en/of veel vervuiling door productieprocessen, bijvoorbeeld niet geventileerde schuren in vochtige tropische zones met binnendringende buitenvervuiling inclusief lucht gedragen chloriden en corrosie-stimulerende deeltjes.

Meer details, zie NEN-EN-ISO 9223 (o.a. tabel 2) en/of NEN-EN-ISO 12944-2 (tabel 1)